Wat ik je wil geven, in volgorde van haalbaarheid

zaterdagavonden
halfduister
op je vingers fluiten
stormwind door duinen
nat zand tussen je tenen
de laatste hap appelmoes
de eerste hap pannekoek
met je ogen dicht piano spelen
zwijgende vrienden
dromen van vliegen
een trapgevel beklimmen
opa die neuriet
een merel als huisdier
een boek dat nooit uit is
berusting

Geluk in een pindakaaspotje

Er was eens een man die het geluk wilde vangen. Hij wist dat geluk zit in kleine dingen, dus hij nam een leeg pindakaaspotje, ging op pad en stopte alle kleine dingen die hij onderweg vond in dat potje. Een paperclip, een boomblad, een hommel, een handvol rode bessen, een natgeregend visitekaartje, allemaal verdwenen ze in het potje. Toen hij moe was van het zoeken ging hij op zijn zij in het gras liggen met het potje naast zich en hij keek naar de hommel die met haar vleugels ingeklapt op het blad zat. Hij tikte tegen het potje en heel even ontvouwde de hommel haar vleugels en liet de zon ze glimmen. Hij bleef naar haar kijken tot hij in slaap viel en hij droomde van alle kleine, gelukkige dingen die hij kende. Toen hij wakker werd, keek hij gelijk naar zijn potje en hij zag dat de hommel dood onderin lag. Hij draaide de deksel los en het rook naar muf en rot en dood. Ach, dacht hij, geluk is vluchtig. Hij stond op, veegde wat gras van zijn broek en ging verder om nieuw geluk te zoeken. Hij floot erbij.

Het laatste feest

met je scheve huid op een scheef feest
terwijl de nerveuze regen
terwijl de ruwe dunne muziek
terwijl de houten zon
je krabt met je grauwe nagels
door de bange boom
naar de lege zon

geef me een motor (denk je)
zon
geef me een vrolijke motor
gloeiende wolken
een dronken huid

en dan

dan
een bang weiland
dunne boom
benauwd touw

je stijgt op
ziet nog een nerveuze trein
een teleurgesteld huis
een kwade zee

niets wat je zal missen

Prullenbak

ik heb tot tweemaal toe
de prullenbak vlak bij ons huis
voor een fietsende vrouw aangezien

nu probeer ik
elke keer als ik langs die prullenbak kom
er een fietsende vrouw in te zien

maar het wil me
met de beste wil van de wereld
niet lukken

Sociaal

Soms denk ik dat ik een sociaal wezen ben. Dan loop ik op straat, zie ik twee mensen lopen die ik niet ken en doe ik mijn mond open om hoi te zeggen, maar komt er alleen een schor geschraap uit mijn keel. Of nog erger: soms klink ik als Kermit de Kikker. Wil ik mensen dus niet in het openbaar plaatsvervangende schaamte bezorgen, dan hou ik mijn mond en kijk ik een andere kant uit als ze langslopen. Wel zo sociaal.

Verliefd

Als een olifant verliefd is, doet hij alles om op te vallen. Hij schildert paarse stippen op zijn huid. Hij laat een krul zetten in zijn slurf. Hij leert de chachacha en de kankan. Maar als de gnoe kijkt, dan wordt die kankan een kanniet, valt zijn slurf slap omlaag en begint het zo hard te regenen dat de stippen helemaal uitlopen. Als een olifant verliefd is, dan duikt hij zo snel als hij kan in de struiken, zodat de gnoe hem niet zal zien.

Als de giraffe verliefd is, doet hij alles om op te vallen. Hij verbindt de stippen op zijn huid met houtskool en tekent zo honderd hartjes. Hij maakt een looping in zijn nek. Hij leert op zijn achterpoten lopen. Maar als de leeuw kijkt, dan begint hij te wankelen, raakt zijn nek in de knoop en breken de hartjes. Als een giraffe verliefd is, dan duikt hij zo snel als hij kan in de struiken, zodat de leeuw hem niet kan zien.

‘Hallo, olifant.’
‘Hallo, giraffe.’
‘Wat doe jij in de struiken?’
‘Ik wilde jou net hetzelfde vragen.’
‘Grappig.’
‘Ja.’
‘Je hebt leuke paarse vegen, olifant.’
‘Dank je, jouw zwarte vegen zijn ook best aardig. En wat zit je nek leuk.’
De giraffe bloost. De olifant ook. Als een olifant verliefd is, dan zit hij eigenlijk best wel fijn, daar in het struikgewas. Als een giraffe verliefd is, dan geeft het niet zo van die doornen.

Overwegingen op de Stroese Heide

ik probeer de werkelijkheid ongefilterd door mijn ogen mijn hersenen
nog niet uitgekauwd en uitgespogen door rotondemonden
Nederland is vol Nederland is vol Nederland is vol
no longer process reality in this roundabout way
want de radio en Geert of weet ik hoe die gekken heten

stop

||

als je lang genoeg stil zit
zie je
dat alles beweegt

een pappuspluisje
aan een halm
wappert als een vlag

een miniscuul torretje
dat een stengel beklimt

mieren
mieren
overal mieren

een mestkever
opent
zijn groenblauwe vleugels
en klapt ze
dan
weer in



Tomaten snijden

ik leer tomaten snijden van een Tibetaanse monnik
hij vermijdt het me aan te kijken

we praten over de geiten bij ons thuis
over wat voor eigenwijze eikels dat zijn
en hij lacht
maar blijft mijn blik mijden

je zou zeggen
dat het niet moeilijk is tomaten te snijden